24 apr
2020

Live bodemvochtstation

Bekijk hieronder in de grafieken de live sensordata gemeten op het RMA bodemvocht station in Dwingeloo.

De grond waarin planten groeien, kan een bepaalde hoeveelheid water bevatten. De maximale hoeveelheid noemen we veldcapaciteit, de grond zit dan helemaal vol met water. Als de grond boven veldcapaciteit komt, zal het water meteen wegspoelen.

Als planten groeien, nemen ze het water uit de bodem op. Dit noemen we de gewasverdamping. Planten kunnen water uit de grond opnemen zolang dit water niet (te) vast zit aan de gronddeeltjes. Zodra dit punt bereikt is, ontstaat droogtestress. Dit punt noemen we de irrigatie trigger. Op dat moment moeten de beregening aangezet worden om lagere opbrengst te voorkomen.

De grond heeft dus een bepaalde hoeveelheid water die beschikbaar. Vergelijk het met de brandstoftank van een auto of trekker.

De sensoren die wij gebruiken meten op iedere 10 centimeter diepte de hoeveelheid water die in de bodem beschikbaar is. De lijnen gaan omhoog door regen of beregening en de lijnen gaan omlaag als de planten water verdampen.

Omdat planten over het algemeen in de bovenste 30cm van de bodem wortelen en daar het water opnemen, maken we een aparte grafiek waarop we de beregening gaan sturen. Hiervoor worden de waardes van 10, 20 en 30cm opgeteld. Deze grafiek loop van veldcapaciteit tot de irrigatietrigger.

Het klokje is eigenlijk de brandstofmeter van de bodem. Bij blauw is de bodem vol, bij rood is de bodem leeg.

De kleuren komen overeen met de grafiek van het water in de wortelzone. De waardes geven aan hoeveel water er gegeven kan worden om de bodem weer te vullen.

Op basis van het nabije weerstation wordt de gewasverdamping berekend. Deze wordt tezamen met de metingen van de regenmeter getoond.

De sensoren meten ook nog op twee dieptes de temperatuur van de bodem.